naar top
Menu
Logo Print
22/12/2016 - WOUTER VERHEECKE

BELGISCHE VOEDINGSINDUSTRIE KAN GOED RAPPORT VOORLEGGEN

Opeenstapeling van uitdagingen bedreigt echter onze competitiviteit

De kerstrapporten voor het schooljaar '16-'17 zijn ondertussen al uitgedeeld en besproken, maar bij Fevia rekent men nog met cijfers van het voorgaande jaar. “We wachten nog op de gegevens voor 2016, maar voor 2015 kunnen we alvast stellen dat de Belgische voedingsindustrie het relatief goed deed. Het is een belangrijke industriële werkgever en de sector groeit dankzij de export", zegt algemeen directeur Chris Moris. Gevraagd naar een voorspelling voor 2017, klinkt echter een minder positief geluid: “In 2016 stonden thema's zoals de Brexit, CETA en TTIP op de politieke agenda. Het zijn belangrijke uitdagingen voor onze competitiviteit."

TERUGBLIK

Werkgelegenheid en investeringen 

“Belangrijke kerncijfers om de financiële toestand van een industriële sector te beoordelen, zijn vooreerst de werkgelegenheid en de investeringen", begint economisch adviseur Pieter Weyn zijn jaaranalyse. “Met de crisis in 2009 zagen we het aantal arbeidsplaatsen in de algemene verwerkende industrie kelderen, terwijl dit voor de voedingsindustrie beperkt bleef tot een dipje. De jongste jaren bleef de werkgelegenheid in de voedingssector stabiel, tot op het niveau van 2005. De voedingsindustrie is overigens de grootste industriële werkgever in ons land, met vandaag zo'n 88.000 mensen die er rechtstreeks in tewerkgesteld zijn. De investeringen stegen in 2015 voor het tweede jaar op rij met 10% ten opzichte van het voorgaande jaar. Ook hier is de voedingsindustrie de primus van de klas, met 1,4 miljard euro aan investeringen in materiële vaste activa in 2015."

Omzet en productievolume

“Een andere belangrijke kernindicator is de omzet", pikt algemeen directeur Chris Moris in. “Ook op dit vlak groeit de voedingsindustrie sterker dan de totale verwerkende industrie, maar sinds 2013 stellen we een aftopping van de groeicurve vast. Dit is te wijten aan het feit dat de prijzen die in de hele voedingsketen van de landbouw tot de verwerkende schakel onder druk staan. Het totale productievolume is in 2015 immers wel met 2,6% toegenomen."

 

GEVOLGEN VAN BREXIT, CETA EN TTIP

De Belgische voedingsindustrie is economisch nauw verbonden met het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. 10% van onze totale export gaat naar het VK en de VS zijn de belangrijkste exportmarkt van de Belgische voedingsindustrie buiten Europa. “Fevia respecteert de uitslag van het referendum en de verkiezingen, maar er zijn voor de Belgische voedingsindustrie toch duidelijk bedreigingen. Export is de motor voor de groei van onze voedingsindustrie en net die export komt potentieel onder druk te staan. Op korte termijn is de devaluatie van het pond en de dollar de grootste uitdaging. Op lange termijn zijn protectionisme en het ontrafelen van de Europese eengemaakte markt de belangrijkste gevaren. De Belgische voedingsindustrie vraagt aan de Belgische overheid om haar op dit moeilijke moment bij te staan en zeker geen maatregelen te nemen die de sector schaden, zoals extra taksen en heffingen op voeding en dranken", klinkt het.

UITDAGINGEN

Een belangrijke kanttekening bij die positieve cijfers is de opeenstapeling van uitdagingen die we in 2016 hadden en die volgens Fevia een bedreiging vormen voor de competitiviteit van de Belgische voedingssector.

Loonkostenhandicap

“Het schoolvoorbeeld is natuurlijk onze veelbesproken loonkostenhandicap, die onze beleidsvoerders proberen weg te werken tegen het einde van deze regeerperiode. Door overheidsmaatregelen als de taxshift en de indexsprong zien we die handicap effectief afnemen. In 2014 lagen onze lonen in de voedingsindustrie 21% hoger dan het gewogen gemiddelde van onze drie buurlanden, in 2016 komen we uit op 'nog maar' 17,4%. Een verbetering, maar daar hebben we dus nog altijd een groot nadeel ten opzichte van onze buurlanden", stelt Weyn.

Meerkosten energie

“Bovendien betalen voedingsbedrijven als kleine, energie-intensieve ondernemingen nu een pak meer dan vroeger voor hun energie, en de prijzen liggen ook hoger dan in onze buurlanden. In acht jaar tijd zijn de energiekosten zowel in Vlaanderen als in Wallonië met meer dan 200% gestegen, als gevolg van meerkosten zoals groenestroomcertificaten."

Kilometertaks

“Een andere recente maatregel met een grote impact op de voedingsindustrie is de kilometertaks voor vrachtwagens die sinds vorig jaar geheven wordt in ons land. Meer dan 25% van al wat over de weg vervoerd wordt, zijn immers al dan niet verwerkte voedingsmiddelen. De taks betekent een jaarlijkse meerkost van 150 miljoen euro voor het transport. Dit zullen we voelen in de vorm van een kleiner aantal arbeidsplaatsen en dit zal doorgerekend moeten worden in de consumptieprijs."

Grensaankopen

“Tot slot moeten we de voedingsproducten die op de Belgische markt verkocht worden, ook competitief kunnen aanbieden tegenover onze buurlanden. Het geheel van indirecte taksen en heffingen zoals accijnzen op koffie, accijnzen op alcoholische en niet-alcoholische dranken, de verpakkingsheffing, de Groen Punt-bijdrage en de gezondheidstaks leidt, samen met ons hoge btw-tarief, tot duurdere voedingsproducten, wat grensaankopen in de hand werkt. In 2015 werd er voor 723 miljoen euro over de grenzen aangekocht, een toename van maar liefst 42,5% ten opzichte van 2008. Ook dit betekent dus een echte bedreiging", waarschuwt Weyn.

Verkeerde maatregelen

“Maatregelen als de gezondheidstaks maken onze producten alleen maar duurder en zetten onze competitiviteit verder onder druk, terwijl ze niet meer dan een valse oplossing zijn voor het eigenlijke gezondheidsprobleem", vindt Moris. “Wij zijn veeleer gewonnen voor een herformulering van de samenstelling van voedingsmiddelen met meer vezels en minder zout, suiker en vet. Er is aangetoond dat dit de gezondheid van de consument wel ten goede komt, en dat is dan ook ons advies naar de beleidsvoerders toe."

 

VOORUITBLIK

“De wereldeconomie herstelt zich en onze loonhandicap daalt. In de tweede helft van 2016 zagen we dat de prijzen uitbodemen, en bovendien mogen we een verdere productiestijging verwachten, wat zal leiden tot een omzetgroei van 2 à 3%", waagt de algemeen directeur zich aan een voorspelling. “Cruciale uitdagingen als de grensaankopen blijven echter overeind en nemen zelfs toe door de wildgroei aan nieuwe taksen. De regering probeert een economische boost te stimuleren, maar maakt die op deze manier zelf weer kapot. Onze competitiviteit zal dus ook in 2017 onder druk blijven staan, waardoor we maar gematigd positief kunnen zijn."